Sportouders fase 2

Sportouders fase 2

Tijdens mijn afstudeerjaar voor de opleiding HBO-psychologie heb ik onderzoek gedaan naar de stimulerende invloed die ouders hebben op het talentontwikkelingsproces van een talentvolle sporter. Simpel gesteld bestaat de sportontwikkeling van kinderen uit een aantal fasen en in elke fase hebben ouders een andere rol. In een vierdelige serie zet ik deze ‘trappen’ chronologisch op een rijtje.

In mijn vorige blog heb ik gekeken naar fase 1, de kennismaking met de sport. In deze blog gaan we in op de fase van de technische en tactische scholing. Hoe gaat u als ouder hiermee om?

Fase 2: De fase van de technisch/tactische scholing
In deze fase kiest het kind er bewust voor om zo goed mogelijk te presteren in een bepaalde tak van sport. De keuze voor sport heeft het zelf gemaakt, anders valt het niet op te brengen om steeds meer te trainen en aan veel wedstrijden mee te doen. Om steeds beter te worden, zijn soms pijnlijke keuzes nodig: blijf je bij je oude club, houd je dezelfde trainer, moet je van school veranderen? Kortom, dit is een tijd waarin het kind weliswaar een betere sporter wordt, maar waarin ook een heleboel zekerheden wegvallen en keuzes gemaakt moeten worden. De manier waarop ouders hun kind in deze fase opvangen kan het verschil uitmaken tussen falen en slagen.

De rol van de ouders: Zowel de ouders als de rest van het gezin worden in deze fase redelijk zwaar belast. Zowel met de daadwerkelijke als de morele ondersteuning. Mocht het voor de sportieve ontwikkeling van het kind beter zijn om bijvoorbeeld naar een andere vereniging te gaan, dan komt daar vaak extra reistijd bij. Vaak wordt er meer getraind, komen er andere trainers en er volgt een uitnodiging voor bijvoorbeeld de regionale- of nationale selectie. Hierdoor wordt ook het kind zelf zwaarder belast; het moet presteren en komt onder spanning te staan.

Het is voor ouders belangrijk dat ze weten wat er tussen kind en ouder/coach wordt afgesproken. Stel nou dat kind en coach met elkaar hebben afgesproken dat ze de komende periode een bepaalde techniek gaan aanscherpen, dan zal dit tot gevolg hebben dat het kind wat minder goed zal presteren. Het kan zelfs gebeuren dat het kind verliest van iemand waar voorheen nooit van verloren werd. Voor ouders is het van belang hiervan op de hoogte te zijn. Anders kan het gebeuren dat het kind van ouders een preek krijgt (‘Hoe kan het dat je van hem verliest? Daar heb je nog nooit van verloren,  etc.).

Ook is het als ouder zijnde in deze fase belangrijk om te weten of je kind een ‘egogerichte sporter’ is of een ‘taakgerichte sporter’. Een ‘egogerichte sporter’ vergelijkt zijn prestaties met anderen en is alleen goed als die beter is dan anderen. De’ taakgerichte sporter’ vergelijkt zijn prestaties alleen maar met zichzelf. Als je als ouder zijnde niet weet hoe het kind zijn eigen prestaties beoordeelt, is het ook moeilijk om te weten hoe je als ouder na afloop van een wedstrijd moet reageren. Ouders hebben de moeilijke taak om de ‘egogerichte sporter’ voortdurend te overtuigen dat de eigen prestaties belangrijker zijn dan die van anderen.

Margriet Huisman

Profielfoto van Margriet

Over Margriet H.

Margriet Huisman begon op haar tiende met squash en maakte al snel uit van de Nederlandse selectie. Ze speelde diverse kampioenschappen maar de profsquashster moest in 2007 stoppen vanwege een blessure. Omdat het toch weer begon te kriebelen waagde ze in 2010 nog een poging en werd dat jaar meteen Europees kampioen met het Nederlands team. Nadat ze...

Reacties

Er zijn nog geen reacties geplaatst. Plaats nu als eerste je reactie.

Laat een reactie achter

Je moet ingelogd zijn om een reactie achter te kunnen laten.

Nog geen account?